Op zaterdagochtend staan op het parkeerterrein van een tuincentrum langs de A15 de kofferbakken open. Iemand tilt twee zakken cacaodoppen naar binnen — honderd procent natuurlijk, staat erop, een restproduct van cacao. Thuis gaan ze op de kruiwagen, en daarna rond de lavendel en de vlinderstruik die vorig voorjaar speciaal voor de bijen zijn geplant. De hele middag ruikt de tuin vaag naar chocola.

Achttien stoffen in een restproduct

Pesticide Action Network Netherlands (PAN-NL) liet zeven zakken cacaodoppen — van de merken Pokon, DCM, Culvita, Fleurella en Kakao-Flis, gekocht bij tuincentra, bouwmarkten en webwinkels — analyseren op ruim zeshonderd bestrijdingsmiddelen. In elk monster zaten er drie tot dertien; in totaal achttien verschillende stoffen [1]. In zes van de zeven zakken zat chlorpyrifos, een insecticide dat sinds 2020 in de Europese Unie verboden is vanwege zorgen over de ontwikkeling van het zenuwstelsel van ongeboren kinderen. In drie merken zaten neonicotinoïden, de stofgroep waarvan we sinds jaren weten wat die met bijen doet [2].

PAN-NL rekende ook uit hoeveel gif er theoretisch in één zak van tien kilo zit: genoeg om ruim honderdduizend honingbijen te doden. De onderzoekers zeggen er zelf eerlijk bij dat het een worstcaseberekening is op basis van laboratoriumwaarden, en dat er bij normaal gebruik niet daadwerkelijk zoveel bijen sterven [1][2]. Wat overblijft is nog steeds dit: op de kruiwagen ligt een zak met vier verboden middelen erin, en die zak wordt uitgestrooid op precies de plek waar iemand de biodiversiteit wilde helpen.

De omweg via de haven

Hoe komt het daar? Cacaodoppen zijn een restproduct van de cacaoverwerking, en de cacao komt uit landen waar middelen nog gewoon gebruikt mogen worden die hier te giftig zijn bevonden. Europa verbiedt een stof, staat toe dat hij wordt geëxporteerd, en krijgt hem jaren later terug — niet als schandaal, maar als tuinartikel met een vriendelijk etiket [2]. Het gif dat we in Europa hebben verboden komt via West-Afrika en de haven van Rotterdam alsnog onze eigen achtertuin binnen.

Het woord dat niets kost

Het pijnlijkste zit in de bedrukking. De zak met de meeste stoffen — dertien, waaronder vier in de EU verboden middelen en twee PFAS-pesticiden — werd verkocht met een groot logo-achtig plaatje met BIO erop. Een tweede merk heette Biologisk. Geen van beide draagt het officiële EU-logo voor biologische producten, want dat mag ook niet. PAN-NL heeft er klachten over ingediend bij de Reclame Code Commissie [1][2].

En daaronder ligt het echte gat. Voor levensmiddelen bestaan wettelijke residunormen; voor bodembedekkers, compost, schors en mulch bestaan die grotendeels niet [2]. Het systeem let op wat u opeet, niet op wat u uitstrooit op de plek waar uw kind op blote voeten loopt. Diezelfde blinde vlek zagen we in april al: van zeventien gangbare tuinplanten uit drie tuincentra bevatte 82 procent resten van insecticiden — juist de lavendel, de vlinderstruik en de klokjesbloem die de consument koopt om insecten te lokken [3]. De plant is behandeld, de bodembedekker eronder is vervuild, en de tuin die een toevluchtsoord moest zijn wordt een val. Dat is geen kleinigheid in een tijd waarin in Duitse natuurgebieden over 27 jaar meer dan driekwart van de biomassa aan vliegende insecten verdween [4].

Wat er wél op de kruiwagen kan

Drie dingen, en ze zijn alle drie deze maand te doen. Voor uzelf: laat de cacaodoppen staan en gebruik wat u al heeft — bladafval, gemaaid gras, compost van de eigen hoop. Voor het tuincentrum in Geldermalsen of Waardenburg waar u klant bent: vraag bij de kassa of de leverancier elke partij bodembedekker op residuen laat analyseren, en of u die uitslag mag zien. Eén klant die dat vraagt is een lastige klant; twintig klanten die het vragen zijn een inkoopvoorwaarde.

En voor de gemeenteraad van West Betuwe: stel het college twee schriftelijke vragen. Worden cacaodoppen of andere geïmporteerde bodembedekkers toegepast in het gemeentelijk groen — in plantsoenen, op schoolpleinen, in de bermen? En kan in de groenbestekken en in elke gemeentelijke vergroeningsactie de eis worden opgenomen dat geleverd bodembedekkingsmateriaal aantoonbaar vrij is van in de EU verboden pesticiden? Dat is geen symboolpolitiek. Het is de zeldzame categorie maatregel waarvoor de gemeente niemand nodig heeft: geen convenant, geen staatssecretaris, geen rekenmethode uit Den Haag. Alleen een zin in een bestek.

Wij vragen het gemeentebestuur al jaren om de afstand tussen spuitdop en slaapkamerraam serieus te nemen. Die vraag blijft staan, en ze is de belangrijkste. Maar ze klinkt overtuigender als wij intussen niet zelf, in een zak van tien kilo, hetzelfde gif door de achterdeur naar binnen dragen. Wat ligt er dit weekend op uw kruiwagen?